Pensioenfondsen en aow liggen flink onder vuur. De frustratie over de tegenvallende resultaten van de fondsen en het opschuiven van de pensioenleeftijd is zo groot, dat menigeen liever zelf zou sparen voor de oude dag. Dat biedt inderdaad vrijheid en flexibiliteit, maar zou ook een groot inkomensoffer vragen.
Lening met negatieve registratie
Stel dat we zelf ons pensioen zouden moeten sparen, zónder aow of pensioenfondsen. Hoeveel zou het pensioen dan kosten als we met 65 of 67 jaar willen stoppen met werken? Charles Kalshoven, hoofdeconoom bij Oyens & Van Eeghen bank rekende het voor OverGeld uit. Belangrijk is vooral het rendement en de pensioenleeftijd. „Als het rendement niet omhoog is te krikken, dan is uitstel een andere manier om voor een fatsoenlijke oudedagsvoorziening te zorgen.”
Geldlenen met een lage inkomsten
Een gemakkelijke rekensom voor met bkr toetsing hypotheek is het niet, zo begint Kalshoven. Er spelen veel factoren een rol bij een individueel pensioenspaarplan. Allereerst het (veelal onzekere) rendement dat we op de maandelijkse inleg kunnen halen. Hoe hoger dat rendement, des te minder hoeven we nu te sparen of te beleggen. Kalshoven: „Ook hangt veel af van de prijsontwikkeling, want uiteindelijk willen we er later wel de boodschappen van kunnen betalen, ook als die in 2040 twee keer zo duur zouden zijn als nu. Dan nog weten we niet hoeveel vermogen we nodig hebben, omdat je 66 maar ook 104 kunt worden. Je moet dus een aantal aannames maken.”
Particulier geld lenen
De aannames in het kort: de prijzen stijgen op lange termijn met 2% per jaar, de lonen met 3%. Iedereen heeft op zijn 65e nog gemiddeld 15 jaar voor de boeg en op zijn 67e nog 13 jaar. Doel: 70% van het gemiddeld verdiende loon als pensioen.
Lenen zonder credit check
Bij een conservatief rendement van 4% (minus 1,2% aan vermogensrendementheffing) blijkt dat een 25-jarige al 23% van zijn inkomen opzij moet leggen om met 65 jaar te stoppen. Dat percentage zal hij 40 jaar lang tot zijn 65e opzij moeten zetten. Dat is op dit moment zo’n 600 euro per maand voor een modaal inkomen.
Later beginnen met pensioenopbouw wordt steeds duurder, omdat je in kortere tijd hetzelfde pensioen moet opbouwen. Met 30 jaar moet al 26,5% van het inkomen opzij worden gezet, met 35 jaar 30,5% en met 40 jaar 36,5%. Kalshoven: „Conclusie is dat die veertiger wel erg laat is.”
Geld lenen van particulieren
De percentages zijn uitgerekend bij 4%, een rendement dat met betrekkelijk weinig risico gehaald kan worden, bijvoorbeeld door de maandelijkse inleg op een hoogrenderende spaarrekening te deponeren. Het geld kan echter, zeker als het pensioen nog jaren ver is, ook worden belegd in zonder toetsing geld lenen. „Het rendement maakt meer verschil voor de omvang van de spaarpot dan een procentje extra inleg. Dat komt door het effect van rente op rente”, legt Kalshoven uit.
Autofinanciering met negatieve bkr codering
Als de pensioeninleg elk jaar gemiddeld niet met 4% rendeert maar met 6%, zou een 25-jarige elk jaar ’slechts’ 13,5% van zijn inkomen opzij hoeven te leggen om met 65 jaar te kunnen stoppen met werken. Voor een modaal inkomen komt dat neer op zo’n 350 euro per maand. Een dertigjarige die met sparen begint, zet 16% van zijn inkomen opzij, een 35-jarige 19,5% en een veertiger is dan bijna een kwart kwijt.
Minilening
Natuurlijk geven de rekensommen enkel een theoretisch raamwerk. Aow en pensioenfondsen bestaan immers nog gewoon. Wél maken ze duidelijk dat er een flink deel van het inkomen voor een pensioen moet worden opgeofferd en dat één of enkele jaren doorwerken een groot verschil maakt. En voor die keuze zullen steeds meer Nederlanders komen te staan.
Ambtenarenlening
ING-econoom Kalshoven heeft eenzelfde berekening gemaakt als er wordt doorgewerkt tot 67 jaar. „Dat werkt als een tweesnijdend zwaard. Twee jaar extra opbouwen en korter van pensioen genieten, betekent een hogere uitkering óf dat mensen tijdens hun loopbaan minder geld opzij hoeven te zetten voor dezelfde jaaruitkering.”
Verwijder bkr notering
De dertiger die bij 4% rendement nog 26,5% van zijn inkomen moest afstaan, kan door twee jaar langer te werken dat percentage verlagen naar 22.
Zelf sparen heeft ook het voordeel dat de belastingtarieven omlaag kunnen (er wordt bijvoorbeeld niet langer voor aow betaald) en dat ook andere vormen van vermogensopbouw kunnen bijdragen aan het 70%-pensioen. Denk aan de eigen woning. Uiteindelijk is collectief en individueel sparen lastig op prijs met elkaar te vergelijken, gezien de vele factoren die roet in het eten kunnen gooien. „Die onzekerheden zijn zo groot dat je je als individu moet afvragen of je zulke risico’s wel wilt dragen”, stelt Kalshoven. Aan de andere kant zijn er ook mogelijkheden de risico’s te beperken, al zal dat veelal ten koste van het rendement gaan.
Bkr a notering
Kalshoven: „Wat ik wel vrees is dat de spaardiscipline van doe-hetzelvers verloren gaat. Mensen gaan al snel voor de korte termijn en spreken het geld aan. Onder het mom ’dat sparen we later wel weer bij’. Bij een pensioenfonds moet je sparen én kun je niet voortijdig bij het geld.”
Lees:
Comments on this entry are closed.